ORGANOÏDEN EN PATIENT-DERIVED XENOGRAFTS

‘Tumormodellen worden steeds verfijnder’

  • 8 min.
  • Wetenschap

Het is een frustrerend fenomeen: preklinische studies naar nieuwe medicijnen laten hoopvolle resultaten zien, maar in klinische studies valt de effectiviteit tegen. Met tumororganoïden en patient-derived xenografts hopen onderzoekers subgroepen patiënten te identificeren bij wie een nieuwe therapie wél kan slagen, en tegelijkertijd niet-werkzame therapieën in een vroeger stadium te kunnen afschrijven.

Illustratie (kleur) tumor-organoïden
Beeld: Pascal Tieman

Internist-oncoloog dr. Marije Slingerland (LUMC) houdt zich in het dagelijks leven vooral bezig met de behandeling van patiënten met slokdarm- en maagtumoren. Zo raakte ze betrokken bij het labonderzoek van biofarmaceutisch wetenschapper dr. Luuk Hawinkels (LUMC). ‘We werken al vier jaar samen’, vertelt Slingerland. ‘Mijn bijdrage zit meer aan de klinische kant, maar ik weet inmiddels ook het een en ander over muismodellen en organoïden.’ Hawinkels: ‘Andersom leer ik veel over patiënten, ik heb bijvoorbeeld poli’s meegelopen met Marije.’ De onderzoekers brengen twee werelden samen, zeggen ze zelf. ‘We hebben ook twee gezamenlijke promovendi’, merkt Slingerland op. ‘We moeten daarom van elkaar begrijpen wat we doen.’

Biobank

Hawinkels’ onderzoek heeft als rode draad de interactie tussen verschillende celtypen in tumoren. ‘Hoe beïnvloeden de gastheercellen het gedrag van tumorcellen en andersom? Om dat te kunnen bestuderen heb je goede in vitro en in vivo modellen nodi

Maak een gratis account aan en krijg toegang tot alle artikelen

Account aanmaken

Heeft u al een account?