DEELNAME AAN FASE I-STUDIE VEREIST GEDEGEN AFWEGING

'Meedoen aan een studie vraagt veel betrokkenheid van patiënt en omgeving'

  • 5 min.
  • Oncologiedagen

Meedoen aan experimenteel fase I-onderzoek kan patiënten in de palliatieve fase een gevoel van houvast bieden. Tegelijk gaat studiedeelname gepaard met veel onzekerheid. Tijdens de NVMO-Oncologiedagen spreekt internist-oncoloog en klinisch farmacoloog dr. Marloes van Dongen over de ingewikkelde besluitvorming rond fase I-onderzoek, waarbij goede communicatie tussen arts en patiënt cruciaal is.

Portretfoto (kleur) Marloes van Dongen
Beeld: AVL

Met fase I-studies bepalen onderzoekers de juiste dosis van een nieuw medicijn. ‘Het draait dan om veiligheid en kinetiek’, zegt dr. Marloes van Dongen (Antoni van Leeuwenhoek). ‘Meestal gaat het om een nieuw middel, maar we zien in toenemende mate ook fase I-studies naar combinatie van een nieuw geneesmiddel met bestaande middelen.’ Vaststellen of een behandeling goed werkt is dus geen hoofddoel van fase I-studies, al kijken de onderzoekers er natuurlijk wel naar. ‘Maar patiënten die overwegen deel te nemen, willen juist weten: wat gaat deze behandeling voor mij doen? Als artsen moeten we dan benadrukken dat de werkzaamheid nog niet bekend is in deze fase van de ontwikkeling. De behandeling komt uit het laboratorium en is alleen nog getest op proefdieren. De effectiviteit van het middel zal pas later blijken.’

Houvast

Doen de patiënten die desondanks deelnemen dat dan uit altruïsme? ‘Sommige patiënten hopen inderdaad iets te betekenen voor patiënten in de toekomst’, antwoordt Van Don

Maak een gratis account aan en krijg toegang tot alle artikelen

Account aanmaken

Heeft u al een account?