EIWITCOMPLEX VERKLAART WAAROM BEHANDELING BIJ MAMMACARCINOOM EN OVARIUMCARCINOOM NIET ALTIJD WERKT

PARP-remmers bij aanzienlijk aantal patiënten ineffectief

  • 6 min.
  • Wetenschap

Een aantal jaren geleden is een nieuwe behandeling ontwikkeld voor vrouwen met mammacarcinoom of ovariumcarcinoom als gevolg van een mutatie in het BRCA1-gen. Die behandeling, met zogenoemde PARP-remmers, is of wordt bij een aanzienlijk aantal patiënten ineffectief. Met de nieuwe CRISPR-Cas9-techniek ontdekte onderzoeker dr. Sylvie Noordermeer (LUMC) waarom deze therapie faalt.

Bij een groot aantal vrouwen met een erfelijke vorm van mammacarcinoom of ovariumcarcinoom ligt de oorzaak in een mutatie van het BRCA1-gen. Voor deze patiënten zijn in 2005 nieuwe medicijnen ontwikkeld, de zogenoemde PARP-remmers. Maar een aanzienlijk aantal patiënten is of wordt er ongevoelig voor, en artsen willen graag weten hoe dat komt. Noordermeer zocht daar samen met collega’s in Leiden, Toronto, Londen en Amsterdam het antwoord op.
Ze wist in welke hoek ze het antwoord moest zoeken. Het kwalijke effect van mutaties in het BRCA1-gen, de werking van PARP-remmers en de ongevoeligheid van sommige tumoren voor behandeling met PARP-remmers hebben allemaal te maken met de mogelijkheden die cellen hebben om breuken in het DNA te repareren.
Het BRCA1-gen is betrokken bij zo’n reparatiemechanisme, namelijk bij een vrijwel foutloze methode die wordt toegepast bij een dubbel

Maak een gratis account aan en krijg toegang tot alle artikelen

Account aanmaken

Heeft u al een account?