EFFECTIVITEIT ADDITIONELE BEHANDELINGEN IN STUDIEVERBAND AANTONEN

Nieuwe mogelijkheden voor behandeling van irresectabel pancreascarcinoom

  • 7 min.
  • Wetenschap

Voor patiënten met irresectabel pancreascarcinoom was 3 jaar geleden palliatieve chemotherapie de standaardbehandeling. Naast verbeteringen in chemotherapie (FOLFIRINOX) zijn er nu alleen nog in studieverband verschillende mogelijkheden voor lokale tumorbehandeling door interventieradioloog, radiotherapeut of chirurg: irreversibele elektroporatie (IRE), radiofrequente ablatie (RFA), stereotactische radiotherapie of soms alsnog operatieve verwijdering na FOLFIRINOX. De ontwikkeling van deze mogelijkheden roept voor behandelaars veel nieuwe vragen op, vertellen chirurg dr. Marc Besselink (AMC) en interventieradioloog  dr. Martijn Meijerink (VUmc).

Een patiënt die zich presenteert met irresectabel pancreascarcinoom (irresectabel door uitgebreide vaatbetrokkenheid; arterieel > 90 en veneus > 270 graden) zonder metastasen, wordt in eerste instantie behandeld met chemotherapie: FOLFIRINOX (voor fitte patiënten) of gemcitabine eventueel gecombineerd met NAB-paclitaxel. ‘Ongeacht de behandelopties daarna krijgen alle patiënten eerst 2 maanden chemotherapie aangeboden’, vertelt Besselink. ‘Bovendien proberen we landelijk zoveel mogelijk van deze patiënten te registreren. Dat gebeurt binnen het Dutch Pancreatic Cancer Project; een landelijk initiatief van de multidisciplinaire Dutch Pancreatic Cancer Group.’

Additionele behandelingen

Na 2 maanden ‘inductie’-chemotherapie (bij voorkeur FOLFIRINOX) vindt re-stadiëring plaats met CT-scan en bepaling van tumormarker CA19-9. De patiënt wordt vervolgens opnieuw

Maak een gratis account aan en krijg toegang tot alle artikelen

Account aanmaken

Heeft u al een account?